Kerkgebouw
Omstreeks 1370 werd de eerste kerk gebouwd in Wolphaartsdijk. Dit gebouw werd rond 1470 al weer hersteld, aangezien het in een bouwvallige staat verkeerde.
Bij de beeldenstorm van 1578 werden niet alleen de beelden in de kerk vernietigd, ook het interieur en exterieur raakte zwaar beschadigd. Na een grondig herstel was de kerk gereed voor de Protestantse erediensten.
Rond 1860 werd besloten een nieuwe kerk te bouwen aangezien het oude gebouw grote mankementen ging vertonen. Onder leiding van architect Hana werd een nieuwe kerk in Neo-Byzantijnse stijl ontworpen. De lengte, hoogte en breedte van het gebouw werden gelijk. De grafzerken van de oude kerk werden intact gelaten, de nieuwe kerkvloer werd hier overheen gelegd. In 1862 kwam het huidige kerkgebouw van de Hervormde gemeente van Wolphaartsdijk gereed.
Na beschadigingen door de Watersnoodramp van 1953 werd een nieuwe vloer aangelegd en in 1967 werd de gehele restauratie van de kerk voltooid, mede dankzij financile hulp van het Rampenfonds.
Eerste orgel
In 1821 werd door de firma J.C. Friedrichs een orgel gebouwd voor de Oude Kerk te Zeist. Bij de bouw van dit orgel werd gebruik gemaakt van het orgel dat Johannes Baars in 1779 had gebouwd voor de Waalse Kerk in Naarden.
Op 13 februari 1846 werd besloten een orgel te plaatsen in de voormalige dorpskerk van Wolphaartsdijk. In overleg met J.J. de Kanter en C. van Uije uit Middelburg werd een dispositieontwerp vastgesteld en besloten werd het Friedrichs-orgel van de Oude Kerk te Zeist aan te schaffen voor f1240,- Dit instrument was in deze periode al in handen van dhr. H. Blanken uit Zeist. In 1846 plaatste de firma Stulting & Maarschalkerweerd het instrument in de oude kerk te Wolphaartsdijk. Het orgel kreeg een plaats tegenover de preekstoel en de kosten van de overplaatsing en wijzigingen aan het orgel bedroegen in totaal f1826,55. Op 21 juni werd het instrument in gebruik genomen met een bespeling van organist De Kanter uit Middelburg en J.L. Labrant uit Goes.
De dispositie van het Friedrichs-orgel (1821) met gebruikmaking van ouder pijpwerk vanaf 1846:
Hoofdwerk:
Prestant 8 voet
Holpijp 8 voet
Octaaf 4 voet
Fluit 4 voet
Quint 3 voet
Octaaf 2 voet
Mixtuur III-IV sterk
Dulciaan 8 voet
Positief:
Holpijp 8 voet
Viola di Gamba 8 voet
Salicionaal 4 voet
Fluit 4 voet
Woudfluit 2 voet
Pedaal:
Aangehangen
De vergoeding voor de organist werd vastgesteld op f75,- per jaar en de orgeltrapper kreeg f13,- per jaar.
In 1862 werd het orgel in de huidige Nicolauskerk geplaatst nadat het tijdens de bouw van deze kerk was opgeslagen in een schuur. Bij de overplaatsing naar de Nicolauskerk werd de orgelkas vergroot en werden de 5 grootste pijpen van de Prestant 8' opnieuw vervaardigd. Nu in tin in plaats van in hout. Deze pijpen kregen nu een plaats in het front. Ook werd een Bourdon 16' toegevoegd op het Hoofdwerk. De kosten bedroegen f975,-
De dispositie van het Friedrichs-orgel (1821) met gebruikmaking van ouder pijpwerk vanaf 1862:
Hoofdwerk:
Bourdon 16 voet
Prestant 8 voet
Holpijp 8 voet
Octaaf 4 voet
Fluit 4 voet
Quint 3 voet
Octaaf 2 voet
Mixtuur III-IV sterk
Dulciaan 8 voet
Positief:
Holpijp 8 voet
Viola di Gamba 8 voet
Salicionaal 4 voet
Fluit 4 voet
Woudfluit 2 voet
Pedaal:
Aangehangen
Aan het begin van de 20ste eeuw werd het Friedrichs-orgel door de firma L. van Dam vervangen door een nieuw instrument, waarbij het oude orgel werd verplaatst naar de Hervormde kerk van Boven-Hardinxveld. Hier werd het in 1925 voorzien van pneumatische tractuur.
In 1997 werd het binnenwerk verwijderd door Pels & Van Leeuwen, het oude front werd verbreed met vlakke zijvelden en achter dit front kwam een 'nieuw' Van Leeuwen-orgel (1947) uit de Gereformeerde Zijlaankerk te Wassenaar.
De dispositie van het Van Leeuwen-orgel (1947) in de Friedrichs-kas (1821) vanaf 1997
Hoofdwerk:
Bourdon disc. 16 voet
Holpijp 8 voet
Quintadeen 8 voet
Viola di Gamba disc. 8 voet
Octaaf 4 voet
Nachthoorn 4 voet
Octaaf 2 voet
Cornet disc. IV sterk
Dulciaan 8 voet
Borstwerk:
Prestant basc./disc. 8 voet
Holpijp basc./disc. 8 voet
Fluit 4 voet
Quint 3 voet
Octaaf 2 voet
Mixtuur II-III sterk
Vox Humana 8 voet
Pedaal:
Aangehangen
Werktuiglijke registers:
Tremulant
Twee afsluiters
Overige gegevens:
Manuaalomvang: C-f
Pedaalomvang: C-d
Stemming: evenredig zwevend
Toonhoogte: a = 440 Hz
Tractuur: pneumatische kegelladen
Foto : Collectie Utrechts Orgelarchief Maarten Vente Situatie vanaf 1998 te Boven-Hardinxveld. Foto : N. van der Oosterkamp
Huidig orgel
In 1904 bouwde de firma L. van Dam & Zonen uit Leeuwarden een nieuw orgel voor de Hervormde kerk van Wolphaartsdijk. Het orgel kwam op de plaats van het oude instrument te staan.
De dispositie van het Van Dam-orgel (1904) tot 1971:
Hoofdwerk:
Bourdon 16 voet
Prestant 8 voet
Roerfluit 8 voet
Violoncel 8 voet
Octaaf 4 voet
Fluit Travers 4 voet
Quint 3 voet
Mixtuur III sterk
Cornet disc. III sterk
Trompet basc./disc. 8 voet
Bovenwerk:
Holpijp 8 voet
Salicionaal 8 voet
Viola di Gamba 8 voet
Voix Celeste 8 voet
Flute Harmonique 4 voet
Aeoline 4 voet
Salicet 4 voet
Piccolo 2 voet
Pedaal:
Subbas 16 voet
Werktuiglijke registers:
Koppel Hoofdwerk-Bovenwerk
Koppel Pedaal-Hoofdwerk
Tremulant op het Bovenwerk
Overige gegevens:
Manuaalomvang: C-g
Pedaalomvang: C-d
Stemming: evenredig zwevend
Toonhoogte: a = 440 Hz
Tractuur: mechanische sleepladen
De oorspronkelijke kleur van het orgelmeubel was donkerbruin, in de loop der jaren is het orgel van de huidige witte kleur voorzien.
In 1971 is het instrument compleet herzien door de firma A. Nijsse. Hierbij zijn de houten pijpen van de Prestant 8' vervangen door metalen pijpen. Ook is er op het pedaal een Prestant 8' toegevoegd.
De dispositie van het Van Dam-orgel (1904) vanaf 1971:
Hoofdwerk:
Bourdon 16 voet
Prestant 8 voet
Roerfluit 8 voet
Violoncel 8 voet
Octaaf 4 voet
Fluit Travers 4 voet
Quint 3 voet
Mixtuur III sterk
Cornet disc. III sterk
Trompet basc./disc. 8 voet
Bovenwerk:
Holpijp 8 voet
Salicionaal 8 voet
Viola di Gamba 8 voet
Voix Celeste 8 voet
Flute Harmonique 4 voet
Aeoline 4 voet
Salicet 4 voet
Piccolo 2 voet
Pedaal:
Subbas 16 voet
Prestant 8 voet
Werktuiglijke registers:
Koppel Hoofdwerk-Bovenwerk
Koppel Pedaal-Hoofdwerk
Tremulant op het Bovenwerk
Overige gegevens:
Manuaalomvang: C-g
Pedaalomvang: C-d
Stemming: evenredig zwevend
Toonhoogte: a = 440 Hz
Tractuur: mechanische sleepladen
Geraadpleegde literatuur
Baan, J. van der (1866)
Wolfaartsdijk geschetst als eiland, ambachtheerlijkheid, als Burgerlijke en Kerkelijke gemeente van de vroegste tijd tot heden
Goes, Uitgeverij Kleeuwens (1866)
Bath, A.J & Katsman, A & Winkelen, C. van (1975)
Wolphaartsdijk in oude ansichten, deel II
Broekhuizen Senior, George Hendricus (ca. 1850-1862)
Orgelbeschrijvingen
Amsterdam, Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis (1986)
Kluiver, J.H. (1973)
Historische Orgels in Zeeland, deel I Noord- & Zuid-Beveland
Middelburg, Mededelingen van het Koninklijk Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen, 1973
Stichting Utrechts Orgelarchief Maarten Vente
Met dank aan
P. Bron
N. van der Oosterkamp