Kerkgebouw
In de 12e eeuw werd in het centrum van Zierikzee een reusachtige gotische basiliek gebouwd, gewijd aan Sint Livinius.
In de nacht van 6 op 7 oktober 1832 verwoestte een brand deze kerk volledig. Op deze plaats werd in 1848 de Nieuwe Kerk in gebruik genomen.
Situatie 1832. Foto : Collectie P. Sevestre
Eerste? orgel
In 1549 vervaardigde Henrick Niehoff een orgel voor de Grote- of Onze Lieve Monsterkerk te Zierikzee. De kassen van hoofd- en rugwerk werden vervaardigd door schrijnwerker Schalcken. Hoogstwaarschijnlijk beschikte de kerk ook al voor die tijd over een orgel, mogelijk zelfs twee. Het orgel van Niehoff, dat op een oksaal stond naast de kansel op de scheiding tussen koor en transept, had waarschijnlijk reeds bij de bouw een hoofdwerk met afzonderlijke registers en dus geen blokwerk meer.
De waarschijnlijk oorspronkelijke dispositie van het Niehoff-orgel (1549):
Hoofdwerk:
Prestant - disc. dubbel 8 voet
Octaaf - disc. dubbel 4 voet
Mixtuur III-VIII sterk
Scherp IV-XII sterk
Bovenwerk:
? Prestant - disc. dubbel
Quintadeen
Octaaf - disc. dubbel
Holpijp
Sifflet
Mixtuur
Scherp
Kromhoorn
8 voet
8 voet
4 voet
4 voet
1 voet
8 voet
Pedaal:
Trompet 8 voet
Nachthoorn 2 voet
Gekoppeld aan F'G'A'-c van het Hoofdwerk
Overige gegevens:
Manuaalomvang Hoofdwerk/Bovenwerk: F'G'A'-g''-a''
Manuaalomvang Rugwerk: FGA-g''-a''
Pedaalomvang: FG-c'
Stemming: Middentoon
Toonhoogte: a = 440 Hz
Tractuur: mechanische springladen
Nadat de Spanjaarden in 1576 onder leiding van aanvoerder Mondragon na een negen maanden durend beleg Zierikzee hadden ingenomen moest dit orgel worden vrijgekocht.
In de loop van de tijd is het orgel gewijzigd. Waarschijnlijk is het Bovenwerk en het daarbij behorende derde klavier verwijderd ten gunste van een uitbreiding van het Hoofdwerk.
De dispositie van het Niehoff-orgel (1549) vanaf ca. 1769:
Hoofdwerk:
Prestant - disc. dubbel 8 voet
Bourdon 8 voet
Octaaf - disc. dubbel 4 voet
Octaaf - disc. dubbel 2 voet
Mixtuur III-VIII sterk
Scherp IV-XII sterk
Cornet IV sterk
Trompet basc./disc. 8 voet
Rugwerk:
Prestant - disc. dubbel 8 voet
Bourdon - op bovenlade 8 voet
Octaaf - disc. dubbel 4 voet
Holfluit 4 voet
Superoctaaf - op bovenlade 2 voet
Siffelet 1 voet
Mixtuur II-VI sterk
Scherp IV-VI sterk
Sesquialter disc. - op bovenlade II sterk
Tertiaan disc. II sterk
Cromhoorn - op bovenlade 8 voet
Pedaal:
Trompet 8 voet
Nachthoorn 2 voet
Gekoppeld aan F'G'A'-c van het Hoofdwerk
Werktuiglijke registers:
Tremulant Hoofdwerk
Tremulant Rugwerk
Overige gegevens:
Manuaalomvang Hoofdwerk: F'G'A'-c'''
Manuaalomvang Rugwerk: FGA-c'''
Pedaalomvang: FG-c'
Stemming: Middentoon
Toonhoogte: a = 440 Hz
Tractuur: mechanische springladen
De toestand van dit orgel verslechterde na 1760 kennelijk zodanig, dat de te hulp geroepen orgelbouwer J.H.H. Batz in 1765 adviseerde het instrument te vervangen door een nieuw. In 1768 besloot het stadsbestuur tot de bouw van een groot nieuw orgel door Batz.
Het Niehoff-orgel, dat voor het laatst geklonken heeft op 16 december 1770 (het stond toen nog steeds in de middentoonstemming), werd in 1803, dus pas enige jaren na het gereedkomen van het Batz-orgel, verkocht aan de parochie van de Rooms-Katholieke Sint Georgiuskerk te Kruisland (NB). Daar vond het instrument in 1887 zijn einde, toen er een nieuwe kerk werd gebouwd en het orgel werd vervangen door een nieuw orgel van de orgelbouwer Rogier te Bergen op Zoom (aldaar werden in 1892 en 1969 wederom nieuwe orgels geplaatst)
Tweede orgel
In 1768 besloot het stadsbestuur van Zierikzee tot de bouw van een groot nieuw orgel voor de Grote- of Onze Lieve Monsterkerk door J.H.H. Battz, waarvoor de financile middelen voor een belangrijk deel beschikbaar kwamen uit de rente-opbrengsten van een groot legaat (bestemd voor een ander doel, dat niet gerealiseerd kon worden). Het nieuwe instrument werd geplaatst tegen de westmuur van de kerk en werd op 19 december 1770 in gebruik genomen.
De oorspronkelijke dispositie van het Batz-orgel (1770):
Hoofdwerk:
Prestant - disc. dubbel 16 voet
Bourdon 16 voet
Octaaf - disc. dubbel 8 voet
Roerfluit 8 voet
Octaaf - disc. dubbel 4 voet
Fluit 4 voet
Quint - disc. dubbel 3 voet
Superoctaaf - disc. dubbel 2 voet
Woutfluit 2 voet
Mixtuur IV-VIII sterk
Scherp III-VI sterk
Trompet 16 voet
Trompet 8 voet
Bovenwerk:
Prestant 8 voet
Baartpyp 8 voet
Viola di Gamba 8 voet
Octaaf 4 voet
Speelfluit 4 voet
Gemshoorn 2 voet
Flageolet 1 1/2 voet
Sexquialter II-III sterk
Schalmei 8 voet
Vox Humana 8 voet
Rugwerk:
Quintadeen 16 voet
Prestant - disc. dubbel 8 voet
Holpyp 8 voet
Octaaf 4 voet
Roerfluit 4 voet
Nasart 3 voet
Superoctaaf 2 voet
Terts 1 3/5 voet
Cornet disc. VI sterk
Mixtuur III-VIII sterk
Trompet 8 voet
Hautbois 8 voet
Pedaal:
Prestant 16 voet
Subbas 16 voet
Roerquint 12 voet
Hofluit 8 voet
Octaaf 4 voet
Nagthoorn 2 voet
Mixtuur IV sterk
Basuin 16 voet
Trompet 8 voet
Trompet 4 voet
Cink 2 voet
Werktuiglijke registers:
Koppel Hoofdwerk-Bovenwerk basc./disc.
Koppel Hoofdwerk-Rugwerk basc./disc.
Koppel Pedaal-Hoofdwerk
Vier afsluitingen
Tremulant Bovenwerk
Tremulant Rugwerk
Ov erige gegevens:
Manuaalomvang: C-d'''
Pedaalomvang: C-d'
Stemming: Evenredig zwevend
Toonhoogte: a = 440 Hz
Tractuur: mechanische sleepladen
Nadien onderging het instrument kleinere wijzigingen. Meere verving in 1813/14 de Mixtuur van het pedaal door een Fluit 4', plaatste een Carillon op het Bovenwerk en een Fluit Travers 8' discant op het Rugwerk.
De dispositie van het Batz-orgel (1770) vanaf 1814:
Hoofdwerk:
Prestant - disc. dubbel 16 voet
Bourdon 16 voet
Octaaf - disc. dubbel 8 voet
Roerfluit 8 voet
Octaaf - disc. dubbel 4 voet
Fluit 4 voet
Quint - disc. dubbel 3 voet
Superoctaaf - disc. dubbel 2 voet
Woutfluit 2 voet
Mixtuur IV-VIII sterk
Scherp III-VI sterk
Trompet 16 voet
Trompet 8 voet
Bovenwerk:
Prestant 8 voet
Baartpyp 8 voet
Viola di Gamba 8 voet
Octaaf 4 voet
Speelfluit 4 voet
Gemshoorn 2 voet
Flageolet 1 1/2 voet
Sexquialter II-III sterk
Carrillon 8 voet
Schalmei 8 voet
Vox Humana
Rugwerk:
Quintadeen 16 voet
Prestant - disc. dubbel 8 voet
Holpyp 8 voet
Fluit Travers - disc. 8 voet
Octaaf 4 voet
Roerfluit 4 voet
Nasart 3 voet
Superoctaaf 2 voet
Terts 1 3/5 voet
Cornet disc. VI sterk
Mixtuur III-VIII sterk
Trompet 8 voet
Hautbois 8 voet
Pedaal:
Prestant 16 voet
Subbas 16 voet
Roerquint 12 voet
Hofluit 8 voet
Octaaf 4 voet
Fluit 4 voet
Nagthoorn 2 voet
Basuin 16 voet
Trompet 8 voet
Trompet 4 voet
Cink 2 voet
Werktuiglijke registers:
Koppel Hoofdwerk-Bovenwerk basc./disc.
Koppel Hoofdwerk-Rugwerk basc./disc.
Koppel Pedaal-Hoofdwerk
Vier afsluitingen
Tremulant Bovenwerk
Tremulant Rugwerk
Ov erige gegevens:
Manuaalomvang: C-d'''
Pedaalomvang: C-d'
Stemming: Evenredig zwevend
Toonhoogte: a = 440 Hz
Tractuur: mechanische sleepladen
In de nacht van 7 op 8 oktober 1832 ging dit magistrale orgel jammerlijk ten onder toen de kerk door brand werd verwoest.
Tekening naar ansichtkaart : Collectie Archief J.H. Kluiver